dinsdag 22 december 2015

Van deuren in oude muren....

Ik woon vlakbij de oude pastorij en de kerk. Er was al jaren een doorgang in de lange muur van de pastorij, een soort shortcut naar de kerk, door middel van een houten poortje. Iedereen kende die deur en maakte daar handig gebruik van om snel bij de bushalte te zijn op het kerkplein of om in onze rustige straat te parkeren bij een begrafenis en dan toch tijdig in de kerk te zijn.
Omdat er echter steeds vaker aan vandalisme werd gedaan door een paar buurtjongens, kerkramen ingooien, het Mariabeeld aan de grot achter de kerk vernielen, beslisten de leden van de kerkfabriek de deur in de muur dicht te laten metsen, het was immers de vluchtweg waarlangs de vandalen met hun stuntfietsen steeds konden ontsnappen.
Deur weg, muur dicht, muurvast.
Als mensen van mijn leeftijd of ouder me vroeger vertelden dat ze zich na het overlijden van hun laatst levende ouder een wees voelden, vond ik dat altijd een beetje vreemd. Een wees was voor mij een kind zonder ouders, iets uit boeken van Charles Dickens, Oliver Twist, zielige schrille kindjes die door moeder Theresa werden gered. Geen volwassen mensen die zelf al een leven hadden opgebouwd. 
Zelfs nadat ik elf jaar geleden geheel onverwacht mijn moeder verloor voelde ik me geen wees. Ik klampte me vol liefde vast aan mijn nog levende vader en mijn eigen gezin, hoeveel verdriet ik ook had.
Toen mijn vader een paar maanden geleden overleed, sloot hij een deur achter zich. Een soort laatste doorgang naar de roots, de basis. Geen ouder meer om naar te bellen, om voor te zorgen, om van te houden. Geen poortje meer in de muur.
Deur weg, muur dicht, muurvast.
Geen weg terug, ik ben een wees.
Ik begrijp het …einde/lijk.


Fluffbunny


zaterdag 31 oktober 2015

Envoi.

Zij was slechts
Een zwak naschrift
In de trilogie van zijn leven.
Een slap envoi
Van een dronken poëet
In een voor de rest
Bijzonder mooie ballade.
Bij de herdruk
Wordt slechts
De oorspronkelijke versie
Uitgegeven
En onthouden.

Fluffbunny

zaterdag 26 september 2015

Restauratie van mijn ikoon

In de twee jaar van zijn ziekte
Heb ik badkuipen vol gehuild
Gerevolteerd
Ontkend en gehoopt
Gevochten
Alle fases van het rouwproces doorworsteld.
Nu hij er niet meer is
Lijken de tranen opgedroogd
Want ik restaureer mijn beeld
Ik nam slechts afscheid van de schim
De verzwakte en door een sluipende ziekte verteerde man
En ik herstel mijn dierbare herinnering
Aan de trotse totem van een vader
Groot, sterk, fier en wijs
En besef
Dat tranen hier overbodig zijn
Ik schilder zijn beeld voor mijn ogen
En lach hem toe
Vol dankbaarheid.

Fluffbunny


woensdag 19 augustus 2015

Guerrilla-K

Hoe de stille ziekte
Groeit en kruipt en vreet
Als een slang door zijn lichaam
Een guerrillaoorlog in zijn lijf
Gaandeweg wordt hij die jou leven gaf uitgehold
En vol dodelijke vallen gestopt
Je ziet het geliefde omhulsel
Schijnbaar onveranderd
Hoewel steeds transparanter
En wilt het omhelzen
Vasthouden
Maar onafwendbaar
Wacht binnenin
De genadeslag.

Fluffbunny

vrijdag 3 juli 2015

Een ochtend in Station Terminus.

“U mag de eerste zetel aan de linkerkant nemen mijnheer”, zegt de verpleegster. Ik loods mijn zieke vader de juiste kamer binnen en hij gaat zitten in één van de rode kunstlederen zetels. Bij elke zetel ligt een dossiertje klaar met de gegevens van de verwachte patiënten.
Bloedtransfusies, chemokuren…mensen worden hier de hele dag door een zakje nieuw leven ingeblazen.
Onophoudelijk lopen de verpleegsters in en uit, hun stappentellers hebben het al voor 8u ’s morgens begeven. Met het soort geduld en begrip dat eigen is aan hun job blijven ze onverstoorbaar vriendelijk als patiënten moeilijk doen.
Een oude dementerende dame is vergezeld van haar broer en andere dame, ze spreken enkel Frans zeggen ze tegen de verpleegster. Dat ze van zodra diezelfde verpleegster buiten is één of ander vreemd Vlaams dialect tegen elkaar spreken verbijstert me dan ook nogal. Om de vijf minuten moet de leuning van haar rode zetel hoger of lager. Dan wil ze plots une petite promenade maken, met infuus en al. De verpleegster legt uit dat dit niet kan. Dan maar voor de tweede keer op een half uur om de bedpan vragen, en français bien sûr.
Ik hoor uren aan een stuk voortdurend piepjes om het debiet van het infuus te komen opdrijven, zakjes te vervangen, koortsthermometers af te lezen, bloeddruk te meten…afgewisseld met diepe zuchten en klaaglijke geluiden.
Tussen al dat wegkwijnende leven ligt één bloedmooie vrouw, elegant van haar haren tot aan haar gouden schoentjes. Ook zij wordt aan de lopende band geprikt, gemeten, gewikt, gewogen…maar ze houdt er op één of andere manier de moed in. Ze trekt zich op aan galgenhumor en getunede vrolijkheid.
Ik vraag me af waarom ik hier binnen mag zonder treinkaartje, in dit tussenstation van leven en dood, waar schaamte vervaagt en de moed hoorbaar opgegeven wordt.
Wanneer ik uren later de kliniek buiten wandel, valt de zon en het felle licht op mij en warmt mij op, als was ik zelf een eeuwigheid ingevroren.

Fluffbunny

maandag 25 mei 2015

Ten paradijze...

Op een uitvaart van iemand die je niet zo goed kent
Prikken tranen in je ogen
Niet om het heengaan van de persoon in de kist
Maar om het verlies dat je al te beurt viel
Of dat je te wachten staat
Je kijkt wat naar het plafond van de kerk
Zodat de tranen een weg zoeken naar de binnenkant van je hoofd
En je slikt ze door
Maar je rode neus verraadt je
Een zakdoekje en wat gesnuf
Een sopraan die de engelen ten paradijze helpt geleiden
En iedereen weent zijn eigen tranen
Terwijl de familie zich getroost weet
‘Ons moeder werd graag gezien’
En het is goed zo
Ieder leven is medeleven.

Fluffbunny

Afbeelding : landschap met hoge bomen Leon Spilliaert

vrijdag 20 februari 2015

En als...

Als ik op een dag te horen krijg
Dat mijn leven niet lang meer zal duren
Dan ga ik niet op wereldreis
Ik bekijk de Grand Canyon- die ik heel graag ooit wil zien-
Wel in een fotoboek
Ik ga geen oude koeien uit de gracht halen
Onverklaarde liefdes bekennen
Niets van dat alles.
Ik ga in mijn tuin zitten
Mooi of slecht weer
En ik tel mijn zegeningen van dichtbij.
Niet het buitengewone is onmisbaar
Maar wel datgene
Wat altijd al voor de hand
En binnen handbereik lag.

Fluffbunny